standards:
xhtml  css

Rensumaborg (Uithuizermeeden)

 

De Rensumaborg is waarschijnlijk van oorsprong een steenhuis. In 1555 wordt de borg reeds genoemd. Vanaf 1662 is de borg in bezit van de Ommelander adel. Vele roemruchte geslachten hebben er gewoond, zoals de Aggemas uit Witmarsum, de Alberdas van Menkema en de familie Clant van Zandeweer. Onno Alberda gaf de borg in 1700 zijn huidige aanzien. De laatste Alberda stierf kinderloos en de borg werd in 1829 geveild.

In 1863 braken er moeilijke tijden aan voor de borg. De levende have, rijtuigen en alles wat los en vast zat, werden geveild. Honderden zware bomen in het bos werden gekapt en de vijver met hoge berg, waarop een theehuis, verdween. De borg is nog een tijdlang in gebruik geweest als tuinbouwschool tot de wegenbouwers, de Gebr. Offringa, de borg kochten en lieten restaureren. De borg met zijn 17e, 18e en 19e eeuwse interieur is tot en met 1997 in gebruik geweest als restaurant. In 1996 is de borg aangekocht door de Rensuma Boon Stichting. Deze stichting heeft het landgoed in oude luister herstelt.

 

De naam van deze borg komt niet voor op de lijsten van edele heerden in de rechtstoel Uithuizen-Uithuizermeeden. Als heerd wordt Rensema het eerst vermeld in 1623 als woonplaats van een zekere Willem Fockes, waarschijnlijk een meier.

 

In 1662 is het een adellijke woonstee. Van dat jaar hebben we een later aantekening betreffende gebrandschilderde ruitjes. De onderschriften geven de namen aan van jonker Petrus ab Aggama Wytmarrensis op Rensema erfzoon op de Campen en van vrouwe Maria Sibiana van Aggama geboren Wytsma erfdochter op Alma tot Bedum zijn huisvrouw.Petrus van Aggama kwam dus van Witmarsum en zijn vrouw van Alma. Zij was een dochter van de Friese edelman Philipus van Wytsma en Teteke Jarges. Van Teteke Jarges zou Rensema afkomstig zijn.

 

Na de dood van Petrus van Aggama in 1685 kwam Rensema aan zijn dochter Tecla Maria gehuwd met Lolle van Ockinga, ook weer een Fries. Hun enige zoon overleed in 1694.

 

In 1695 verkocht Tecla Maria -zij was toen reeds weduwe- Rensema aan Mello Alberda van Menkema, weduwnaar van Susanna Tamminga. Er is dan sprake van de borg Rensema met annexe schuur met ruim 40 grazen binnendijks en vijf heemsteden ten zuiden van de oude dijk, met kelder en gestoelte in de kerk, met singels, grachten, geboomten, heerlijkheden en gerechtigheden. De prijs was 18500 gulden.

 

Mello overleed in 1699. Bij akte van scheiding van 1700 viel het huis cum annexen ten deel aan zijn zoon Onno Tamminga van Alberda, getrouwd met Josina Petronella Clant van Nijenstein. Zij woonden toen op het nabijgelegen Ringeweer. In de koopakte wordt nu ook melding gemaakt van een eendenkooi. Zij lieten nog in hetzelfde jaar het huis herbouwen. Het uiterlijk kwam sterk overeen met het huidige, een laag landhuis dus.

 

Onno Tamminga van Alberda vestigde zich op Rensema. Hij bekleedde vele bestuursposten, was bijvoorbeeld luitenant van de hoge justitiekamer.

 

Na de dood van zijn schoonvader in 1709 erfde hij Nijenstein, waar hij in 1713 ging wonen. Toch behield hij aanvankelijk Rensema en daardoor zijn invloed in Uithuizermeeden, onder andere als eerste collator.

 

In 1717 werd het begin gemaakt met de bouw van een nieuwe toren op de kerk. Ten gevolge van de kerstvloed van dat jaar duurde het tot 1726 voor hij voltooid was. Aan de kerk zelf en zijn meubiliar had hij tevoren al veel laten doen (twee bijbeuken aangebouwd, nieuwe preekstoel en twee banken door Allert Meijer en De Rijk, zilveren avondmaalsbeker enzovoort.) Ook elders had hij zijn belangen. Zo werd in 1729 de oude Zuurdijkster-Houwerzijlsterpolder door zijn toedoen ingedijkt.

 

In 1718 deed hij Rensema (in gebruik?) over aan zijn zoon Mello. Deze trouwde in 1723 met Catharina Magdalena Alberda van Enum. Na de dood van zijn vader in 1743 verkreeg Mello het huis in volle eigendom. Bij de erfscheiding van 1751 verwierf hij tevens Nijenstein. Rensema verkocht hij in hetzelfde jaar aan zijn broer Egbert. In 1758 liet deze het huis restaureren blijkens een gevelsteen in de achtermuur. Twee jaar later liet hij een nieuw schathuis bouwen. Na zijn dood in 1774 vererfde Rensema op zijn broer Willem, die in 1786 ongehuwd overleed. Hij was luitenant-stadhouder der Ommelanden. Kort voor zijn dood werd een nieuw orgel in de kerk geplaatst, gemaakt door Alb. Ant. Hinsz. Van Willem Alberda zijn nog een rouwbord en gedenkbord in de kerk aanwezig.

 

In zijn testament had hij Resema gelegateerd aan zijn neef Onno Tamminga van Alberda. Deze was raadsheer van de stad. In 1803 werd hij drost van Fivelgo en na de restauratie in 1813 lid van de Eerste en Tweede kamer. In 1825 kreeg hij voor zich en zijn nakomelingen de titel baron. Hij overleed kinderloos in 1829.

 

Overeenkomstig het testament werd het huis Rensuma, zoals het in de 19e eeuw geschreven zou worden, publiek verkocht. Het huis met tuinen, lanen, grachten, singels bossen, schathuis, schuur en karnmolen, terreinen en landerijen besloeg 168 hectare. Er hoorden bij kerkstoelen, grafkelder, primaire collatie te uithuizermeeden, de staande jurisdictie en andere heerlijke rechten.

 

Koper van het huis, de rechten en de grootste deel der goederen werd Oncko van Swinderen voor 67850 gulden. De collatie bracht 1030 gulden op. Het meubilair werd het volgende jaar te groningen verkocht.

 

Sinds 1829 is Rensuma eigendom gebleven van de familie Van Swinderen, al woonde ze er niet altijd.

 

Oncko van Swinderen was lid van de Tweede en Eerste kamer. Als directeur van het doofstommeninstituut te groningen legde hij de eerste steen voor dit gebouw. Hij stierf in 1850.

 

Daarna volgden achtereenvolgens Theodorus van Swinderen 1850-1861, Onko Quirijn Jacob Johan 1863-1870, Petrus Johannes 1870-1911. De laatste was onder andere commissaris der Koningin in Drenthe en vice-president van de Raad van State.

 

Thans is Rensuma mandelig eigendom van de familie. Het huis wordt sinds 1861 verhuurd. Er was jaren geleden een landbouwhuishoudschool in gevestigd. En tegenwoordig is het particulier eigendom.

 

 

 

BRON: De Ommelander borgen en steenhuizen, ISBN 90 232 2314 4